Baldwin IV: Koning, kruisvaarder en leper

Baldwin IV: Koning, kruisvaarder en leper

Door Michael Whitcraft Apr 13, 2016

De moderne maatschappij vlucht voor lijden, risico en gevaar. Ze beveiligt alles met een verzekeringspolis, veiligheidsgordels en vangrails; zorgt voor airconditioning in de zomerhitte, drukt waarschuwingen op koffiekopjes en adviseert dat bij het werken met hamers een veiligheidsbril moet worden gebruikt.

Dergelijke voorzorgsmaatregelen hebben zeker ongeluk voorkomen. Maar aangezien heldendom en uitmuntendheid eerder voortkomen uit het onder ogen zien dan uit het vermijden van lijden en gevaar, heeft de waanzin van de voorzorgsmaatregelen ook afbreuk gedaan aan het begrip van deze kwaliteiten.

Dat is jammer, want alleen onverschrokken zielen die het gevaar trotseren, het lijden verdragen en hindernissen overwinnen, verdienen vermelding in de geschiedschrijving. Een lichtend voorbeeld is de melaatse koning, Baldwin IV van Jeruzalem.

Een korte kindertijd

Baldwin IV werd in 1161 in Jeruzalem geboren als zoon van koning Amalric en koningin Agnes van Courtney. Intellectueel en lichamelijk begaafd als jongen, leek hij goed toegerust om het Kruisvaardersrijk te erven. Dit is hoe kroniekschrijver en koninklijke leermeester Willem van Tyrus zijn jeugd beschreef:

"Hij boekte goede vooruitgang in zijn studies en naarmate de tijd verstreek groeide hij op vol hoop en ontwikkelde hij zijn natuurlijke bekwaamheden. Hij was een knap kind voor zijn leeftijd en beter dan mannen die ouder waren dan hijzelf in het beheersen van paarden en in het rijden van paarden in galop. Hij had een uitstekend geheugen en luisterde graag naar verhalen. "1

Op een dag deed de leraar een beangstigende ontdekking. Tijdens het ravotten met vrienden schreeuwde Baldwin nooit van de pijn, zelfs niet als de andere kinderen hun nagels in zijn arm zetten.

Willem van Tyrus wist hoe taai het negenjarige prinsje was en nam eerst aan dat Baldwin zich inhield, maar bij nadere beschouwing bleek dat zijn armen helemaal gevoelloos waren - een duidelijk symptoom van lepra.

Vier jaar later stierf koning Amalric plotseling. Ondanks zijn ziekte werd Baldwin tot koning gekroond door een unaniem besluit van het Hoge Gerechtshof van Jeruzalem.2 Omdat hij pas dertien jaar oud was, werd zijn naaste verwant, Miles van Plancy, de gevolmachtigde. Kort daarna werd Miles vermoord en werd hij vervangen door Raymond van Tripoli.

Raymond van Tripoli beheerde de escalerende spanningen tussen het kruisvaarderskoninkrijk en zijn moslimvijanden door middel van een verzoeningspolitiek. Hij sloot volledige vrede met Saladin in 1175.

Het verdrag was zeer gunstig voor de moslimleider. Jeruzalem had ermee ingestemd geen steun te verlenen aan de Sicilianen die Saladins machtsbasis in Egypte aanvielen en deze laatste had vrij spel om zijn strijdkrachten op te bouwen door veroveringen in Syrië, waar zijn route plannen blootlegde om het kruisvaarderskoninkrijk te omsingelen.

Saladin zette zijn queeste ongestraft voort, totdat regeringswijzigingen in Jeruzalem een einde maakten aan zijn dollemansrit.

De wijsheid van een koning

Deze wijsheid zou Baldwin gedurende zijn korte leven leiden. Zijn aandringen om Egypte binnen te vallen in de herfst van 1176 was er een ander voorbeeld van.

Vanaf het begin van zijn koningschap plande Baldwin Saladin te treffen in zijn Egyptische machtsbasis. Omdat hij niet over voldoende zeemacht beschikte, sloot hij een alliantie met het Byzantijnse Rijk.

De basis werd gelegd voor een invasie. Maar de zwager van de koning, Willem van Montferrat, een sleutelrol bij de inval, werd ziek en stierf. Daarna werd Baldwin ziek en kwam de hele missie in gevaar.

Intussen kwam Baldwins verwant, Filips van Vlaanderen, uit Europa op kruistocht, gesteund door het mandaat van de heilige Hildegard: "Als de tijd komt dat de ongelovigen de bron van het geloof willen vernietigen, bestrijd hen dan zo hard als u, met Gods hulp, kunt doen. "4

In de hoop dat Filippus de tot mislukken gedoemde missie zou redden, bood Baldwin hem het regentschap aan tot hij hersteld zou zijn. Filips was niet blij met de voorwaarden van de overeenkomst en weigerde. Raymond van Tripoli verzette zich tegen de aanval en de nieuwe Grootmeester van de Johannieter Ridders, jong en onervaren, aarzelde.

Toen de Byzantijnse ambassadeurs sceptisch werden over de missie en hun steun introkken, werd de door de koning zo gewenste aanval afgeblazen.

Nooit meer zouden de kruisvaarders zo'n kans krijgen om Saladin in zijn machtsbasis te verwonden. Alleen Baldwin was wijs genoeg geweest om het belang van deze missie in te zien.

Een wonderbaarlijke overwinning bij Montgisard

Wat Baldwin IV tot een groot koning maakte, was meer dan wijsheid en moed, zijn ontembare geloof - een deugd die hij demonstreerde in de beroemde slag bij Montgisard.

Nadat de aanval op Egypte was afgelast, trok Filips van Vlaanderen met zijn leger ten strijde in de noordelijke gebieden van het koninkrijk, waar Raymond van Tripoli zich bij hem aansloot. Jeruzalem kwam hierdoor in een hachelijke situatie terecht. Zeer weinig troepen waren achtergebleven om de hoofdstad te verdedigen en de toestand van de koning was verslechterd.

Saladin maakte snel van de gelegenheid gebruik en richtte zijn hoofdleger van 26.000 elitetroepen op Jeruzalem.

Vanaf zijn ziekbed verzamelde Baldwin de weinige kracht die hij had en reed zijn tegenstander tegemoet met minder dan 600 ridders en een paar duizend infanteristen. Tegen die tijd was Baldwins kracht zo afgenomen dat velen dachten dat hij zou sterven. Bernard Hamilton citeert een hedendaagse christelijke schrijver die de toestand van de koning beschreef als "al half dood. "5

Saladin, die zich de onmacht van de troepen van de koning realiseerde, negeerde hem en zette zijn mars naar Jeruzalem voort, totdat Baldwin hem onderschepte bij de heuvel van Montgisard, slechts 72 mijl van Jeruzalem.

Toen ze het overweldigende moslimleger zagen, werden de christenen met stomheid geslagen. Dergelijke wanhopige situaties bieden grote mannen echter de kans hun moed te tonen, en Baldwin ging de uitdaging aan.

Afstijgend van zijn paard riep hij de bisschop van Bethlehem, om het reliek van het Ware Kruis dat hij bij zich droeg omhoog te brengen. De koning knielde neer voor de heilige relikwie en smeekte God om succes. Toen hij opstond uit het gebed, maande hij zijn mannen aan om de aanval voort te zetten en viel aan.

Geschiedschrijver Stephen Howarth beschrijft de strijd die volgde:

"Er waren zesentwintigduizend Saraceense ruiters, slechts een paar honderd Christenen; maar de Saraceen werden verpletterd. De meesten werden gedood; Saladin zelf ontsnapte alleen omdat hij op een rennende kameel reed. De jonge koning, met zijn handen in het verband, reed voorop in de christelijke aanval - met Sint Joris naast hem, zo werd gezegd, en het Ware Kruis dat zo helder scheen als de zon. Of dat nu zo was of niet, het was een bijna ongelooflijke overwinning, een echo van de hoogtijdagen van de Eerste Kruistocht. Maar het was ook de laatste keer dat zo'n groot moslimleger door zo'n kleine strijdmacht werd verslagen. "6

Overspoeld door zware regenval en met het verlies van ongeveer negentig procent van zijn leger keerde Saladin verslagen terug naar Cairo. Jaren later zou hij minachtend naar de slag verwijzen als "zo'n enorme ramp".7

Zich realiserend dat goddelijke hulp grotendeels verantwoordelijk was voor zijn triomf, richtte Baldwin op die plaats een Benedictijns klooster op, gewijd aan de heilige Catharina van Alexandrië, op wiens feestdag de overwinning was behaald.

Het lijden van een koning

De glorie van de triomf kon de toenemende gevolgen van Baldwin's lepra niet verzachten. Na verloop van tijd verloor hij het gebruik van zijn ledematen en ogen. Maar nooit gebruikte hij zijn ziekte als een excuus om zich aan zijn plicht te onttrekken.

Hoewel hij verschillende malen probeerde af te treden, nam hij zijn verantwoordelijkheden onmiddellijk weer op zich toen hij zich realiseerde dat er niemand was die hem kon vervangen. Kort na zijn overwinning bij Montgisard schreef Baldwin aan koning Lodewijk VII van Frankrijk: "Het past niet dat een zo zwakke hand als de mijne de macht in handen houdt wanneer de vrees voor Arabische agressie dagelijks op de Heilige Stad drukt en wanneer mijn ziekte de durf van de vijand vergroot...Ik smeek u daarom, na de baronnen van het koninkrijk Frankrijk bijeengeroepen te hebben, onmiddellijk een van hen te kiezen om de leiding over dit Heilige Koninkrijk op zich te nemen. "8

Toen zijn verzoek werd genegeerd, ging de koning op zoek naar een geschikte echtgenoot voor zijn zuster prinses Sibyl. Zij was de oudste in de familie en met wie zij trouwde zou het christenlijke koninkrijk erven.

Baldwin hoopte dat zij zou trouwen met iemand uit Europa, om zo Westerse bescherming voor het koninkrijk te verzekeren na zijn dood. Hij maakte afspraken voor een huwelijk tussen Sybil en Hugo van Bourgondië, maar de plannen liepen schipbreuk.

Om Baldwin's hand te dwingen en de toekomst van Jeruzalem in handen te krijgen, beraamden Raymond van Tripoli en Bohemond van Antiochië een staatsgreep. Hun pogingen mislukten, want toen zij in de hoofdstad aankwamen, was Sibyl al getrouwd met Guy de Lusignan.

Hoewel Baldwin had gehoopt na het huwelijk aan Guy te kunnen abdiceren, was zijn zwager een grote teleurstelling. Met een zwakke maag en een hekel aan hem bij veel kruisvaardersbaronnen, was Guy niet geschikt om te regeren en Baldwin werd gedwongen op de troon te blijven.

Deze interne strijd kostte Baldwin waarschijnlijk meer leed dan de lepra die zijn lichaam bleef verslinden.

Een krijger tot het einde

In 1183 werd de koning blind en kon hij zijn handen en voeten niet meer gebruiken. Hij benoemde Guy de Lusignan tot vaste bewindvoerder.

Toen deze echter niet in staat bleek de kruisridders te verenigen en weigerde Saladin aan te vallen, terwijl hij het bevel voerde over de grootste christelijke troepenmacht die ooit in het Heilige Land was samengebracht, ontnam Baldwin hem het bewind en nam hij de verantwoordelijkheden van het koninkrijk weer op zich.

Later in 1183 trouwde de halfzuster van de koning, Isabel, met Humphrey IV van Toron op het kasteel van Kerak. Hoewel Baldwin te ziek was om de bruiloft bij te wonen, waren er veel andere invloedrijke christelijke leiders aanwezig. De kans om hen gevangen te nemen was te verleidelijk voor Saladin om te weerstaan.

Hij omsingelde het kasteel en belegerde het in het midden van het huwelijksfeest. Hoewel hij volkomen onbekwaam was, nam Baldwin het op zich om de gevangen edelen te redden. Blind en kreupel, liet hij zich op een brancard naar de strijd dragen.

Saladin realiseerde zich dat de koning was gearriveerd om de vesting te redden, en gaf het teken zich terug te trekken zonder de christenen aan te vallen. Hetzelfde tafereel herhaalde zich toen Saladin in 1184 opnieuw probeerde het kasteel van Kerak in te nemen. Opnieuw trok Saladin zich terug toen Baldwin op een brancard in de strijd werd gebracht.

Beroofd van alle kracht en macht, had Baldwin voor de laatste keer getriomfeerd over zijn levenslange vijand.

Opvolging en dood

Later in 1184 kreeg Baldwin de ziekte die hem uiteindelijk het leven zou kosten.9 Het probleem van de opvolging was enigszins opgelost in 1183, toen Baldwin zijn vijf jaar oude neef, Baldwin V, tot medekoning kroonde om Guy de Lusignan van de troon te stoten.

Hoewel moderne lezers dit misschien hard vinden, had Guy de koning twee keer openlijk getrotseerd, waarbij hij zelfs zijn leengelofte had verbroken. Zulk verzet kon niet onbeantwoord blijven.

Uitgehongerd naar levensvatbare opties, benoemde Baldwin Raymond van Tripoli tot tijdelijk bewindvoerder. Toen duidelijk werd dat de koning in feite op zijn sterfbed lag, had Jeruzalem een meer permanente oplossing nodig totdat koning Baldwin V volwassen zou worden.

De melaatse koning schoof deze allesbepalende beslissing door naar het Hoge Gerechtshof, dat Raymond van Tripoli koos. Na zijn best te hebben gedaan om zijn koninkrijk te onderhouden, gaf Baldwin IV op 16 mei 1185 zijn ziel over aan God en werd begraven in de Kerk van het Heilig Graf.

Door het Kruis naar het Licht

Lijden was de enige constante in het leven van Baldwin. Vanaf zijn vroegste jaren tot zijn laatste ogenblikken doorstond hij een melaatsheid die zijn lichaam verrotte en de verrotting van zijn koninkrijk vertegenwoordigde, dat door interne onenigheid en corruptie twee jaar na Baldwins dood in handen kwam van Saladin.

Baldwins vermogen om de hachelijke toestand van zijn koninkrijk te beheren vloeide voort uit zijn bereidheid om zijn kruis te dragen in navolging van zijn Meester. Nooit gebruikte hij zijn ziekte als een excuus om zich aan zijn verantwoordelijkheden te onttrekken, zelfs niet toen hij daardoor volkomen incapabel werd.

In deze toestand was hij een levende voorstelling van Christus, van wie de Psalmist zegt: "Maar ik ben een worm, en geen mens; de smaad der mensen, en de verstotene des volks." (Ps. 21:7)

De moderne maatschappij, die het lijden ontvlucht als de pest, heeft rolmodellen als Baldwin IV nodig, de melaatse koning die tot de laatste druppel dronk van de kelk van bitterheid die de Voorzienigheid hem voorschotelde. Baldwins leven verbrijzelt de Revolutionaire mythe dat lijden een absoluut kwaad is, dat tot elke prijs moet worden vermeden.

De Kerk heeft een gezegde dat luidt: "Per Crucem ad Lucem" (Door het Kruis naar het Licht). Baldwin IV begreep deze woorden niet alleen, hij leefde ze ook. Omdat hij dat deed, zal hij voor altijd worden gewaardeerd door hen die hun persoonlijke belangen opofferen voor het algemeen belang. Hij zal worden bewonderd door hen die bereid zijn gevaar te trotseren en te lijden voor een hoger doel. In één woord, hij zal verankerd zijn in die zielen die middelmatigheid mijden en naar grootheid streven.

- Dit artikel is voor de historische gegevens sterk gebaseerd op het boek van Bernard Hamilton, The Leper King and His Heirs, en voor de inspiratie op drie lezingen van professor Plinio Corrêa de Oliveira.

1. Bernard Hamilton, De leprozenkoning en zijn erfgenamen: Baldwin IV and the Crusader Kingdom of Jerusalem(New York, Cambridge University Press, 2005) p. 43.

2. In die tijd was Baldwins ziekte zeker bekend, maar de diagnose lepra was waarschijnlijk nog niet met zekerheid gesteld. In die tijd moest een ridder of sergeant bij wie lepra werd vastgesteld, toetreden tot de Orde van Sint Lazarus, een religieuze gemeenschap die was opgericht om melaatse edelen te verzorgen. Cf. Bernard Hamilton, The Leper King and His Heirs, p. 29.

3. Stephen Howarth, The Knights Templar (New York, Barnes and Noble Books, 1991) p. 132. {/footnote|

4. Hamilton, p. 119.

5. Hamilton, p. 133.

6. Howarth, p. 133.

7. Hamiton, p. 136

8. Ibid. p. 140.

9. Ondanks de gruwelijke gevolgen van het type lepra dat Baldwin had, leidt het zelden tot de dood. De laatste ziekte van de koning was waarschijnlijk het gevolg van een infectie door een van zijn vele wonden. Cf. Piers D. Mitchell, "Een evaluatie van de lepra van koning Baldwin IV van Jeruzalem in de context van de middeleeuwse wereld," zoals opgenomen als appendix in The Leper King and His Heirs.