Inzicht in de sociale functie van privé eigendom

Inzicht in de sociale functie van privé eigendom

20 oktober 2020 | Plinio Corrêa de Oliveira

Vrij ondernemerschap en privé-bezit hebben een aantal nogal vreemde aanhangers over de hele wereld. Hoewel zij beweren fervente anticommunisten te zijn, pleiten deze aanhangers altijd voor enige beperkingen op privé-bezit of vrij ondernemerschap wanneer zij oplossingen voor sociaal-economische problemen voorstellen. Hoe groter de beperkingen, hoe meer zij zich verheugen.

Hun rechtvaardiging is altijd dezelfde: privé-bezit en vrij ondernemerschap hebben een sociale functie, waardoor ze naar goeddunken kunnen worden gesnoeid en verminkt. Hoe meer zij hun ondergang accepteren, hoe beter zij de natie dienen.

Als deze rechtvaardiging waar zou zijn, zouden privé-eigendom en vrij ondernemerschap slecht zijn. Maar voor alle heilzame dingen geldt: hoe meer ze nuttig worden, hoe meer ze zich ontwikkelen. Bovendien vereist het algemeen welzijn een beleid van snoeien en vernietigen dat alleen geldt voor wat slecht is.

Wat voor anticommunisten zijn deze aanhangers, die geneigd zijn precies te doen wat de communisten willen en privé-eigendom en vrij ondernemerschap beschouwen zoals de communisten dat zien?

Elk individueel recht moet normaliter worden gegarandeerd en bevorderd. Wanneer dat nodig is voor het algemeen welzijn, kunnen rechten slechts in uitzonderlijke gevallen aan beperkingen worden onderworpen. Dergelijke beperkingen rechtvaardigen echter nooit het principe "hoe meer u snijdt, hoe beter". Het gezond verstand schrijft voor dat rechten gerespecteerd moeten worden.

Neem het voorbeeld van de rechten van arbeiders. In het belang van de gemeenschap kunnen die ook beperkt worden. Zo wordt het stakingsrecht weliswaar als onbetwistbaar aanvaard, maar kunnen aan dit recht beperkingen worden gesteld wanneer dat in het belang is van allen. Het bestaan van beperkingen betekent echter niet dat hoe meer de rechten van werknemers worden beperkt, hoe beter het voor het land zal zijn.

Vrije ondernemingen en particulier eigendom zijn onvervangbare instellingen om de produktie te verhogen. Deze produktie is hun voornaamste sociale functie. Mensen streven ernaar zo hard mogelijk te werken als zij ervan verzekerd zijn dat zij de vruchten van hun arbeid ten eigen bate kunnen vergaren en aan hun kinderen kunnen doorgeven. Wanneer deze stimulans ontbreekt, en al hun werk - met uitzondering van hun salaris - ten goede komt aan de gemeenschap, worden zij staatsarbeiders. Het resultaat is onderproduktie en honger - de onafscheidelijke kwaden van collectivistische regimes.

Waarom veroorzaken socialistische regimes ellende? Omdat privé-eigendom en vrij ondernemerschap in socialistische landen hun primaire sociale functie niet vervullen. Die sociale functie is te produceren. Hoe kunnen jullie - vreemde anticommunisten - dan beweren dat hoe meer u snoeit, snoeit en pummelt in privé-bezit en vrij ondernemerschap, hoe beter ze hun sociale functie zullen vervullen, namelijk werken voor het algemeen welzijn?

Het voorgaande artikel werd oorspronkelijk gepubliceerd in O Jornal, Rio de Janeiro, op 30 september 1972. Het is vertaald en aangepast voor publicatie zonder revisie van de auteur. -Ed.